In de levenstuin van Déna bloeien prachtige bloemen en de sappigste vruchten. Al dit moois nodigt uit tot het schrijven van gedichten.
Helaas staan er twee verdorde planten. Verder steekt een brandnetel de kop op, bestrijdings-middelen verdelgen hem.
Ze ondervindt dat het gras bij 'de buurvrouw' groener lijkt dan het is.
De krater, geslagen door het ruw wegrukken van haar twee mooiste bloemen, is onpeilbaar diep.
Dit alles staat symbool voor mooie gebeurtenissen maar ook het sterven van Déna's ouders, de strijd tegen borstkanker en het gemis van haar dochters ten gevolge van het PASsyndroom. Allemaal pennenvruchten gegoten in haar bundel Passievruchten.